Afgelopen vrijdag was het weer zover: mooi rustig herfstweer in Den Haag, een klein beetje wind uit de goede hoek, open je deur en ja hoor, de stank van de olieraffinaderijen snijdt je bijna de adem af.
Geen hond die zich er druk om maakt, niemand weet nog waar die 'typische lucht' vandaan komt. Tot in de jaren 80, werd de Nederlandse burger rond Rotterdam, via de landelijke tv, regelmatig gewezen op een telefoonnummer dat gebeld kon worden, als men stankoverlast ondervond. Maar ja, dat is maar lastig, die verontruste burgers, vandaar dat men de laatste 15 jaar volop heeft ingezet op roken en zo min mogelijk lult over stankoverlast van autoverkeer, de petrochemische industrie, of de intensieve veehouderij (zo verklaarde de Raad van State onlangs de bezwaren van burgers en een gemeente ongegrond, met hun klachten over stankoverlast van een intensieve martel veehouderij, voorzitter: CDA kakzever Donner).
Economie gaat in onze 'beschaafde' wereld nu eenmaal mijlenver voor op volksgezondheid, want die wordt wel degelijk geschaad door deze vormen van stank, de politici dienen niet langer de burger, maar de 'dames en heren' ondernemers.
De stem van de praatstok – Een magisch-symbolisch verhaal van Polle Griotto
-
Doorbraak.eu
Ik reis van de wouden van Noord-Amerika tot de Andes,van de savannes van
Afrika tot de eilanden van de Stille Oceaan,en verschijn in gesprek...
1 dag geleden
Geen opmerkingen:
Een reactie posten